De schaduw van Poe
Matthew Pearl
Op 7 oktober 1849 kwam Edgar Allan Poe, onder uiterst mysterieuze omstandigheden om in een ziekenhuis in Baltimore. Niet dat Amerika daar toentertijd rouwig om was. Men nam aan dat zijn dood te maken had met het buitensporig drugs -en drankmisbruik, omdat hij zich erg vreemd gedragen had gedurende een paar dagen voor hij stierf. Eigen schuld, dikke bult, zei men.
Matthew Pearl heeft de omstandigheden rond Poe's dood onderzocht en daar een verhaal omheen geschreven. Zijn hoofdpersoon is de advocaat Quentin Clark. Hij woont en werkt in Baltimore en is groot bewonderaar van Poe's werk. Hij wil niet geloven dat Poe zijn eigen dood heeft bewerkstelligd, en geeft er zelfs zijn carrière voor op om de zaak te onderzoeken. Hij reist naar Parijs omdat zich daar Auguste Dupin bevindt: Dupin is hoofdpersoon in het detectiveverhaal 'The Murders In The Rue Morgue,'. Door middel van logische beredeneren - ratiocinatie - lost hij de ingewikkeldste moordzaken vanuit zijn leunstoel op.
Tijdens de zoektocht naar deze man is Clark gestuit op twee mannen: een baron, die zich Dupin noemt en een raadselachtige man die Dupointe heet. Clark stelt zijn vertrouwen in de laatste en neemt hem mee naar Baltimore, waar Dupin ook opduikt!
Dupin onderzoekt de zaak van Poe door getuigen te ondervragen en door mensen enigszins te manipuleren. Dupointe echter wandelt alleen maar en denkt na. Maar de lezer volgt beide mannen. Clark houdt alles in de gaten.
We krijgen een mooi beeld van de tijd. Varkens op straat die door het vuilnis wroeten, de perikelen rond Napoleon en zijn opvolgers, de slavenhandel en de politieke situatie. Maar het lijkt mij dat je dit boek beter kunt waarderen als je zelf ook een Poe-fan bent. Behalve dat er vaak naar verhalen gerefereerd wordt, zit er ongetwijfeld nog meer in dat naar Poe verwijst. Of zijn dood helemaal verklaard wordt, dat mag je zelf lezen, het boek vormt een mix van feiten en fictie. Het is alleen een beetje langdradig, lang niet zo boeiend als Pearls eerste boek, de Dante's club.
ISBN 90 446 0634 4 Paperback 463 pagina's | Uitgeverij Prometheus | juni 2006
The Poe shadow vertaald door Titia Ram
© Marjo, december 2008
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
The last Dickens
Matthew Pearl
Na de naar meer smakende, volledige onderdompeling in het Boston van 1865, compleet met achtervolgingen per koets, in The Dante club, waren mijn verwachtingen hoog gespannen ten aanzien van The last Dickens van Matthew Pearl. Helaas heeft Pearl niet helemaal aan mijn verwachtingen kunnen voldoen, hoewel het moeilijk is om de vinger heel precies op de zere plek te leggen. In ieder geval speelt mee dat ik al veel meer van Dickens en zijn boeken afwist, voorafgaand aan het lezen van The last Dickens, dan van Dante Alighieri en zijn Goddelijke komedie. De achtergrondinformatie die Pearl rijkelijk in zijn boeken verwerkt, maakte The last Dickens saaier, waar het The Dante club juist interessanter maakte.
Er zijn drie 'verhaallijnen' in het boek. De eerste is het verhaal van de Amerikaanse uitgever James R. Osgood, die met zijn vrouwelijke boekhouder afreist naar Engeland om te achterhalen of Dickens wellicht ergens de rest van het boek waar hij mee bezig was toen hij stierf, The Mystery of Edwin Drood, verstopt had of clue's heeft achtergelaten omtrent het einde. Hij heeft dat dringend nodig, omdat zijn uitgeverij Fields, Osgood & Company in een 'oorlog' met o.a. het New Yorkse Harper & Brothers verwikkeld is en het gevecht dreigt te verliezen.
De tweede verhaallijn volgt het laatste bezoek van Dickens aan Amerika. Dickens is ontzettend populair in Amerika en Fields, Osgood & Company, zijn Amerikaanse uitgever, hebben hem uitgenodigd om een aantal lezingen te komen geven. Zeer nauwkeurig en historisch correct wordt er over deze lezingen door Pearl verteld. Het is een rondreis met hindernissen, waar Dickens niet alleen o.a. een wagonlading vee van de hongerdood redt, maar hij ook gestalkt wordt, er spullen uit zijn hotelkamer worden gestolen, ontvoerd wordt en door de Amerikaanse belastingdienst wordt lastig gevallen.
De derde verhaallijn, die het minst interessant en wat mij betreft overbodig was, volgt de wederwaardigheden van o.a. Frank Dickens, de derde zoon van Charles Dickens, die als lid van de Bengal Mounted Police in India de dieven van een flinke hoeveelheid opium en de gestolen opium zelf tracht op te sporen.
De connectie tussen deze drie verhalen is natuurlijk Charles Dickens, maar ook het laatste, onafgemaakte boek van Dickens. The mystery of Edwin Drood speelt zich namelijk onder andere af in de illegale opiumhandel én werd - in dit boek althans - door Dickens geschreven tijdens zijn laatste rondreis door Amerika. Ook de moordenaarsbende waarmee Osgood te maken krijgt, heeft zijn wortels in die illegale opiumhandel. Waarom die bende ten koste van alles wil voorkomen dat Osgood's missie om het restant van de laatste Dickens op te sporen, slaagt is in eerste instantie een mysterie en wordt pas helemaal aan het eind van dit dikke boek duidelijker.
Het 'misdaadgehalte' van The last Dickens is, vergeleken met The Dante club, ook minder spannend, hoewel nog steeds 'gotisch' van karakter. Overeind blijft wel dat Matthew Pearl kan schrijven en ondanks de hiervoor genoemde minpunten, toch een onderhoudend boek heeft geschreven. De historische details omtrent de wijze waarop er met de nalatenschap van Dickens is omgegaan of de wijze waarop 'bookaneers' (boekpiraten) aan de inhoud van nieuw te publiceren boeken kwamen toen de rechten van schrijvers nog niet voldoende beschermd werden door het nu - dankzij Google - weer heel actuele copy right maken, net als de wijze waarop bijvoorbeeld Engeland zijn opiumhandel beschermde, The last Dickens toch tot een interessant boek waarin je, meestentijds, met plezier leest.
ISBN 9780099512752 Paperback 464 pagina's | Vintage | 2009
© Ellen, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
De verdwenen meisjes
Helen Grant
De eerste zin:
'Mijn leven had heel anders kunnen verlopen als ik niet bekend had gestaan als het meisje met de ontplofte grootmoeder''
Natuurlijk wil je dan weten wat daarmee bedoeld wordt. En dan zit je al snel in een verhaal dat je niet meer loslaat tot je de laatste pagina hebt gelezen. Dat komt deels doordat de hoofdpersoon een kind is, een meisje van tien jaar. Het is tegelijk de enige factor van twijfel over dit boek, want kan een kind doen wat zij deed? Dat geldt dan ook voor haar vriendje tegen wil en dank, Stefan. Twee kinderen die verzeild raken in een akelig avontuur, waarbij de mensen niet zijn wie ze lijken. Dat je dat al aan voelt komen, is niet erg, want de weg naar de ontknoping is een langzame kronkelweg met hindernissen die op zichzelf al erg spannend zijn.
Het verhaal speelt in een Duits stadje. Net voor Kerst komt de grootmoeder van Pia op een akelige manier aan haar einde, maar een paar dagen later verdwijnt een jong meisje spoorloos, in dat kleine stadje, waar iedereen
iedereen kent!! Meent te kennen dus- Pia haalt opgelucht adem, nu zullen de kinderen op school wel weer normaal tegen haar zullen doen. Niets is minder waar. Haar klasgenoten willen nog steeds niet naast haar zitten, opgehitst door de grootste pestkop van de school. Alleen Stefan, die zelf ook het mikpunt is van pesterijen, staat naast haar. En al vindt ze dat eigenlijk helemaal niet prettig, wat kan ze anders dan hem accepteren als vriend? Natuurlijk verandert haar mening over hem naarmate hun avontuur vordert.
Er verdwijnen meer meisjes, angst slaat toe, kinderen mogen niet meer alleen naar buiten. Pia en Stefan mogen nog wel op bezoek bij de oude Heer Schiller, die prachtige verhalen kan vertellen, griezelverhalen en verhalen over vroeger. Mede aangespoord door die verhalen gaan de twee kinderen zelf op onderzoek uit. Een verdachte hebben ze al!
Helen Grant beschrijft het verhaal vanuit het meisje Pia, met de ogen van een volwassen Pia. Haar medestander Stefan is aan de ene kant nogal eens de initiatiefnemer, maar aan de andere kant ook de verstandige factor, die hen redt uit akelige situaties. Ook door zijn aanwezigheid blijft het verhaal geloofwaardig, maar het is eigenlijk zo spannend dat je bij het lezen niet echt stil staat bij hun leeftijd.
Een debuut dat geslaagd is vraagt om meer.
"Thilo klonk nu erg opgewonden. Hij had een nieuwe ader van haat aangeboord en het bleek een rijke ader te zijn. 'Daarom kunnen ze haar niet vinden. Ze is ontploft. Ze is uit elkaar geklapt als een staaf dynamiet en in zo veel stukjes uiteengespat dat er niks meer van haar over is.'
'Gaaf', zei Matthias, onder de indruk van het beeldend beschreven concept.
'Nu moeten we zeker niet bij haar gaan zitten, 'ging Thilo door met een stem die in de hele gang te horen moest zijn. 'Anders zijn wij straks aan de beurt.'
'Dat weet ik wel zéker.' zei iemand anders. 'Ik weet zeker dat jij uit elkaar springt als je nog één worst eet, vetzak.'
Het was Stefan. Stefan Stink, mijn redder in de nood."
ISBN 978 90 325 1179 1 Paperback 304 pagina's | De Kern, De Fontein 9 maart 2010
' The vanishing of Katarina Linden' Vertaald door Els Franci-Ekeler
Marjo, januari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, kik HIER

Goud geld
Norbert Vonnegut
Norbert Vonnegut heeft met dit debuut een boek afgeleverd dat inspeelt op de huidige recessie. Het boek is een financiële thriller met als hoofdpersoon een belegger; een 'top producer' (ook de Engelse titel van het boek): zeer succesvolle verkoper van beleggingen.
Grove O'Rourke is de top producer waar het in dit boek om gaat. Hij koopt, verkoopt, handelt en zorgt goed voor zijn klanten en zichzelf. Hij komt over als een gladde maar sympathieke jongen, die ondanks het snelle geld enige principes heeft overgehouden. Hij is weduwnaar en heeft maar een paar goede vrienden, waaronder het echtpaar Charlie en Sam Keleman. Charlie zit ook in de geldhandel en alles wat hij aanraakt veranderd in goud. Tijdens de surpriseparty in Bostons New England Aquarium ter gelegenheid van de verjaardag van Sam, wordt Charlie op schokkende wijze vermoord: hij wordt vastgebonden in het water gegooid en voor de ogen van zijn vrienden door haaien verscheurd. Na de moord blijkt Sam op zwart zaad te zitten – al het geld zit vast in de zaak en zij vraagt Grove haar te helpen dit vrij te krijgen. Wanneer hij zich verdiept in de zaken van Charlie komt diens handel en wandel al gauw in een vreemd daglicht te staan Zelfs de integriteit van Grove is ineens niet meer boven alle twijfel verheven. Was Charlie wel zo'n goede vriend als Grove altijd heeft gedacht?
Ondanks het onderwerp en de spanning die de auteur weet op te bouwen kon het boek me maar matig bekoren. Dat komt met name door de zeer gedetailleerde uitleg over de beleggingsmarkt en de vele vaktermen die gebruikt worden. Voor Vonnegut gesneden koek, want hij werkt al sinds de jaren 80 van de vorige eeuw voor verschillende financiële instellingen op Wall Street, maar mij als leek duizelde het regelmatig en ik snapte er niet veel van. Dat deed helaas afbreuk aan de leesbaarheid van de eerste helft van het boek.
De zoektocht naar het geld van Charlie en daarmee naar de dader van de moord komen in het tweede deel beter uit de verf en daarmee heeft Vonnegut het boek naar mijn idee ook gered. Helaas is de hoofdpersoon daarbij het enige karakter dat goed uitgewerkt wordt; zowel zijn privéproblemen als zijn werksituatie worden uitgebreid beschreven. Daardoor kun je je als lezer goed met hem identificeren en leef je met hem mee. De overige personages variëren over het algemeen van vlak tot stereotiep.
Ik hoop dat in een eventueel volgend boek het vakjargon achterwege blijft en de spanning wat subtieler opgeschroefd wordt. Dan heb je een prima thriller in handen; nu blijft het hangen op 'matig'.
ISBN 9789074274302 Paperback 381 pagina's | Verbum Crime | november 2008
Vertaald door Gert-Jan Kramer
© Joanazinha, januari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
In het geheim
David Baldacci
Mason Perry – Mace – was ooit werkzaam bij de Narcotica-afdeling van de politie van Washington DC. Tot het moment dat ze opgepakt werd voor een misdaad die ze niet heeft begaan en de gevangenis in draait. Wanneer ze na 2 jaar vrijkomt trekt ze in bij haar zus Beth, die commissaris van politie is. Het enige wat ze wil is haar naam zuiveren.
Wanneer de jonge advocaat Roy Kingman zijn collega Diane Tolliver vermoord op kantoor aantreft, neemt Beth de zaak in handen. Naast het officiële onderzoek van de politie gaan Mace en Roy samen op zoek naar het hoe en waarom van de dood van Diane. Op deze manier wil Mace laten zien dat zij nog steeds een goede agent is, maar loopt hierbij ook Beth voor de voeten. Hoe dieper ze in de zaak duiken, hoe onverkwikkelijker het wordt. Er volgt nog een moord – op een officier van justitie en een goede vriend van Diane Tolliver. En wat heeft de CIA met dit alles te maken? Waarom wordt de politie direct van onderzoek naar de moord op de officier van justitie gehaald – en door wie?
Hoe dichter Mace en Roy bij de waarheid komen, hoe gevaarlijker het voor hen wordt. En de tegenstand komt vanuit een heel andere hoek dan verwacht!
In het geheim is een vlot lezende thriller die bol staat van de actie. Er gebeurt zelfs zoveel en er spelen zoveel mensen mee in de verschillende verhaallijnen dat je soms even terug moet lezen om de draad niet uit het oog te verliezen. Dat vind ik eigenlijk het enige nadeel van dit boek. Voor de rest is het een heerlijke whodunnit, spannend en met heel veel vaart, hoewel die door de te korte hoofdstukken af en toe wordt afgeremd. Ik hoop de gezusters Perry in een vervolg nog eens tegen te komen!
ISBN: 97890822995044 Paperback, 383 pagina's | A.W. Bruna Uitgevers | oktober 2009
Vertaling: Hugo Kuipers
© Joanazinha, december 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Kruis
Ken Bruen
Jack Taylor is een onbehouwen, drankzuchtige ploert, grofgebekt, om onduidelijke redenen uit de Ierse politiedienst (The Guards) gegooid en is nu een soort van privé-detective. Type (zeer) ruwe bolster dus, maar hij heeft een blanken pit die heel diep verborgen is. Slechts zichtbaar voor een enkeling en hij verstopt hem ook met veel plezier voor iedereen die hem voor de voeten loopt.
De zaak waar het in dit boek om draait is gruwelijk: een jongen wordt gekruisigd en zijn zus wordt een paar dagen later levend verbrand.
Ook speelt de verdwijning van honden een -zijdelingse- rol in het verhaal, evenals de dood van zijn pleegzoon Cody die is neergeschoten door een vroegere vriendin van Jack. Het hoe en waarom hiervan wordt in flashbacks uit de doeken gedaan.
Al deze misdaden en gruwelijkheden lijken toch maar bijzaak te zijn in het boek, hoewel ze wel opgelost worden. Hoofdzaak is Jack en de manier waarop hij zich manifesteert in Galway en welke gevolgen dit heeft voor zijn omgeving en voor hemzelf. Zwartgalligheid en melancholie zijn daarbij sleutelwoorden. Volgens Ken Bruen horen die woorden bij de Ieren: 'Het zal wel door al die regen komen. Dat hoort bij mij, maar dat is niet alles. Ik lach graag. Ik denk ook dat je meer van geluk houdt als je ongeluk gekend hebt.'
Hoewel ik niet zo'n fan ben van de hard-boiled thrillers, voelde ik me ondanks mezelf aangetrokken tot Jack Taylor. Hij is een interessant personage; hard, een echte loner maar hij laat precies genoeg van zichzelf zien om hem voor de lezer toegankelijk te maken.
Ik houd van thrillers met een duidelijk begin en einde en daar voldoet Kruis absoluut niet aan. Je hebt het gevoel ergens middenin het verhaal binnen te vallen en aan het eind neem je afscheid met het gevoel van: morgen lees ik het verhaal verder; dit kan niet het einde zijn. En toch heb ik van dit boek genoten. Boeiend, geweldig goed geschreven.
Dit is het derde Jack Taylor-verhaal dat in het Nederlands is vertaald, voorafgegaan door Terreur in Galway (2004) en Priester (2008). Hopelijk duurt het iets minder lang voordat ook andere boeken van deze schrijver vertaald gaan worden!
ISBN 9789074274500 Paperback 238 pagina's | Verbum Crime | november 2009
© Joanazinha, december 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
De laatste schreeuw
Kate Brady
Chevy Banks mag het verhaal openen, en dat doet hij meteen goed: hij kijkt neer op een vrouw die hij gaat vermoorden. Hij geniet van haar geschreeuw, terwijl hij haar toetakelt. Ze is 'een schreeuwster met een goed stel longen. Daarmee was ze haar rol waard in de voorstelling die hier vannacht begon'
Het is meteen duidelijk dat hij een gevaarlijke gek is: hij hoort zijn moeder zingen en dat bevalt hem niet. En er is sprake van een jonger zusje, Jenny genaamd, dat hij wil helpen. Waarom moet ze geholpen worden? Waar is
ze? En helpt hij haar door moorden te plegen?
Dan belt hij iemand op: de tweede hoofdpersoon in het boek, Beth Denison, die 4500 kilometer verderop op een bokszak staat te meppen. Haar dochter Abby slaapt. Verder is ze alleen. Als ze opneemt, hoort ze de stem van een man die ze nooit meer hoopte te zien of te horen. Hij zegt dat hij cadeautjes voor haar heeft, en maakt duidelijk dat hij haar situatie kent.
Zij taxeert meubelen en antiek. In de periode dat Banks haar benadert en haar leven een nachtmerrie wordt, is ze bezig met de taxatie van antieke poppen. Banks en poppen, er is een verband.
Er is ook een verband tussen Beth en Chevy, maar hoe dat zit wordt pas langzaam duidelijk. Chevy Banks was betrokken bij een moord, en Beth Denison ook. Hij is net uit de gevangenis en is nu op weg naar haar.
De politie weet niets van haar betrokkenheid, en Beth wil dat graag zo laten. Maar Banks komt langzaam dichterbij, en onderweg vallen er meer slachtoffers.
Nick Sheridan, ex FBI agent, raakt betrokken bij het onderzoek, en bij Beth.
Dat is dan meteen het minst interessante, maar gelukkig verstoort het romantische lijntje de spanning niet. Je blijft 350 pagina's lang gekluisterd aan je stoel, het is een triller zoals Mo Hayder die kan schrijven: huiveringwekkend, ongelooflijk spannend.
De personages zijn overtuigend en door goed gebruik te maken van afwisseling van verhaallijnen, van snelle dialogen, en door de lezer een kijkje te geven in het hoofd van de moordenaar, weet Brady in haar eerste thriller de lezer te bespelen. Tot bijna op de laatste pagina moet ik zeggen, want als de plot ontrafeld is, moet de schrijfster nog wat andere verhaallijnen afronden. Maar dat doet ze gelukkig kort, en het hoort er nu eenmaal bij. Een tweede boek is in de maak begrijp ik, ik ben zeer benieuwd!
ISBN 9789026126598 Paperback 336 pagina's | Uitgeverij De Fontein | november 2009
'one scream away' 2009 Grand Central Publishing Vertaald door Ewoud van Hecke en Pieter Janssens
© Marjo, november 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Dood in de Dolomieten
Jacques H. Brinker
Twee Nederlanders bevinden zich in Italië, in de Dolomieten: Maarten probeert er een boek te schrijven en Jasper werkt voor een wijnhuis in Eindhoven en is op zoek naar onontdekte wijnen. Als ze op een terras een kopje koffie drinken zijn ze getuigen van een bruiloft: De Siciliaan Vito trouwt met de plaatselijke Marisa. Als Marisa Maarten - Martino - ziet, moet hij mee naar het feest. Daar treft hij Sabrina, de zus van de bruid. Haar echtgenoot Clemente (de broer van Vito!) is afwezig. Maarten kent het verhaal van hun huwelijk, hoe de jaloerse Clemente alle gangen van zijn vrouw nagaat, en gedrag dat in zijn ogen fout is, afstraft.
Ook ontmoet hij Amanda, een Italiaanse journaliste. Zij is op zoek naar een verhaal, en als Jasper haar vertelt over zijn werk is ze zeer geïnteresseerd.
Jasper heeft een deal gemaakt met signor Silvestrini, een wijnboer, die een heel lekker wijntje produceert.
Maar het is niet helemaal zuivere koffie, en hij voelt er zich niet prettig bij. Als het door gaat scoort hij natuurlijk, maar is die wijnboer wel te vertrouwen?
Als Jasper een dreigbrief krijgt -hij zou een bedrag moeten betalen van zijn winst- vertelt hij Maarten en Amanda over zijn zorgen. Ze besluiten de briefschrijver in plaats van geld een antwoord per brief te geven. Maar wie is die afperser? En hoe komt hij aan zijn informatie? Heeft de wijnboer zijn mond voorbij gepraat?
Terwijl Maarten steeds meer betrokken raakt bij Sabrina, de onbestorven weduwe, springt er ook tussen Jasper en Amanda iets over. Dan blijkt dat Sabrina een echte weduwe is: Clemente wordt onder de rotsen gevonden. De politie twijfelt nog of het een ongeluk is, of misschien zelfmoord, maar de vier weten al zeker dat de man vermoord is.
Jasper wordt bang: er is vast een verband met zijn handel, heeft Silvestrini de man vermoord?
Ze worden alle vier ondervraagd. Zowel Sabrina als Maarten worden door de politie, die niets weet van de wijndeal, als verdachten gezien. Dan neemt Amanda het besluit om zelf op onderzoek uit te gaan. Ze is immers
journaliste?
Dat vormt in feite de kern van het boek: de dood van Clemente die door twee partijen onderzocht wordt. Waar de politie faalt heeft de buitenstaander succes, zo gaat het vaak. Maar natuurlijk is dat niet zonder gevaar! Als het verhaal zich na een lange inleiding eindelijk daarop toespitst wordt het een lekker spannende whodunit.
Voor mij had die romantische toevoeging niet gehoeven, maar goed, ook die verhaallijn hapt vlot weg.
ISBN 978 90 866618 3 Paperback 204 pagina's | Boekenplan | november 2009
Marjo, november 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik hier
De eerlijke vinder
Ruth Rendell
Laat ik maar beginnen bij het begin: de titel. Ik begrijp wel dat men waarschijnlijk vond dat de Engelse titel de Nederlandse lezer minder zou zeggen, maar: het boek begint en eindigt op Portobello Road, en ook tussendoor wordt daar regelmatig rondgesnuffeld bij de kraampjes aan de straat zelf. Het verhaal speelt zich af aan Portobello Road, en de zijstraatjes. Ruth Rendell beschrijft dat specifieke gebied in Londen dan ook uitgebreid in dit boek. Als je er ooit geweest bent, loop je er als het ware weer door! Ik zou dan ook de titel gehandhaafd hebben.
De Nederlandse titel is 'De eerlijke vinder', en ja, er wordt een envelop met geld gevonden, waardoor een reeks gebeurtenissen in gang wordt gezet.
De vinder is Eugene, een man die al geld genoeg van zichzelf heeft. Ligt het daaraan dat hij onnadenkend een briefje ophangt aan de lantaarnpaal waar de envelop lag, met zijn telefoonnummer erop? Als hij de eerste beller meteen bij zich thuis uitnodigt, vind ik hem echter een domme man. Ook al doordat hij het hele verhaal bezig is met zijn verslavingen. Noem de geijkte dingen, en hij is er wel een tijdje aan verslaafd geweest. Hij heeft ze evenwel allemaal kunnen afzweren, omdat hij inzag dat het niet goed was voor zijn
gezondheid. Maar die suikervrije snoepjes, Chocorange, die hij nu eet, kunne n geen kwaad. Staat erop.
Helaas is zijn verslaving de verslaving zelf. Kom daar maar eens van af!
Door zijn briefje komt hij in aanraking met Lance, een kruimeldief, die woont bij een oerzuinig ver familielid, een oom die actief is binnen een godsdienstige sekte. Lance meldt zich als degene die de envelop verloren heeft. Hij weet niet hoeveel geld er in zat, maar is wel in de gelegenheid om de rijkdom van Eugene goed in zich op te nemen. Tenslotte komt het geld weer terug bij de eigenaar, die in het ziekenhuis ligt na een hartoperatie. Dat is ook al een wazig figuur, die Joel. Zijn moeder bezoekt hem wel, maar hij is min of meer verstoten door zijn vader, die hem vreemd genoeg wel voorziet van grote hoeveelheden geld. Geld maakt niet gelukkig, hè: Joel is depressief, voert de hele dag niets uit, en wil alleen maar in het donker leven.
Degene die hem het geld terugbezorgt is Ella, een arts. Zij staat op het punt om te trouwen met Eugene.
Zo is de cirkel rond. Joel wil dat Ella zijn arts wordt, hij vraagt haar zelfs bij hem komt wonen!
Lance wil zijn vriendin terug, maar heeft geen geld. Dan ga je dus inbreken. Eugene probeert zijn verslaving onder controle te krijgen.
De levens van deze drie mensen raken met elkaar verweven en dat zorgt voor situaties die Ruth Rendell heel geloofwaardig weet te schetsen. Zij is een meester in psychologische beschrijvingen en ook dit boek moet het daarvan hebben. Niet echt een pageturner, maar wel boeiend vanwege de thema's in het boek: het toeval, en de mens in al zijn wijsheden en domheden.
Het enige jammere is dat de overgangen soms heel vreemd zijn. Wat meer witregels om de stukken over de verschillende personages te splitsen, had het lezen wat prettiger gemaakt.
ISBN 978 90- 229 9615 7 Paperback 287 pagina's | A.W. Bruna Uitgevers | oktober 2009
Originele titel 'Portobello' Vertaald door Rogier van Kappel
© Marjo, november 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
De straatfilosoof
Matthew Plamlin
Het debuut van een Engelse universitair docent. Hij studeerde Engelse letterkunde en geschiedenis, en dat merk je meteen als je dit boek, dat 477 pagina's telt, leest. Hij is niet bepaald bescheiden begonnen!
In een interview vertelt Matthew Plampin hoe hij tijdens onderzoek voor zijn promotie in aanraking kwam met de Manchester Art Treasure Exhibition van 1857. Hij ontdekte dat er in 1857 een gespannen sfeer heerste, vanwege het grote verschil tussen de sociale klassen. De aanleiding was de Krimoorlog, van 1854 tot 1856. In die tijd was de telegraaf net uitgevonden, en konden berichten tamelijk snel verwerkt worden voor de krantenlezers. Zo ontstond het onderhavige boek over de straatfilosoof Thomas Kitson.
Kiston is correspondent van The Courier en wordt naar de Krim gezonden om samen met de Ierse Cracknell het thuisfront op de hoogte te houden van de wederwaardigheden van het Engelse leger. Ook de tekenaar Styles voegt zich bij hen. Cracknell en Styles blijken allebei hun oog te hebben laten vallen op dezelfde vrouw, de een met, de ander zonder succes, maar zij is in feite getrouwd met een van de gehate officieren. Zij speelt ook nog Florence Nightingale (die bekend is geworden door haar rol op de Krim).
Naast de feitelijke weergave van de strijd en de achtergronden daarvan, spelen ook persoonlijke motieven hun onontkoombare rol.
De Krimooorlog blijkt de eerste gelegenheid geweest te zijn waarbij de mensen thuis konden lezen over de oorlog ver weg, waar hun zoons, vaders en echtgenoten heen waren gestuurd om te strijden tegen de Russen. Oorlog is sowieso nooit prettig, maar wat Cracknell en Kitson zien en beleven -want ze wagen zich ook tussen de soldaten aan het front -, je kan je niet voorstellen dat dit mogelijk is geweest!
Er was geen tot zeer gebrekkige medische verzorging, er heerste cholera en tyfus. Officieren die warm aangekleed in een behoorlijk onderkomen schuilen met voldoende eten en drinken, terwijl Jan soldaat, die nauwelijks iets heeft om aan te trekken - de voorraadboot met uniformen is gezonken - zonder pardon het slagveld op wordt gestuurd. Officieren die praten over militaire eer waarbij een onberispelijk tenue erg belangrijk blijkt te zijn. Over de onmogelijkheid van opgeven of terugtrekken, terwijl ze dat zelf dus wel doen! Ook plunderen vinden zij heel gewoon, al hoeft niet iedereen te zien wat zij doen.
De oorlogsjournalisten, zien en registreren. Het thuisfront leest en komt in rep en roer.
Onze journalisten komen er niet zonder kleerscheuren van af, maar het eigenlijke verhaal ontvouwt zich pas als ze na de oorlog elkaar weer treffen in Manchester, ten tijde van bovengenoemde tentoonstelling, waar geplunderde kunst blijkt te hangen. Dan komt het plot pas echt op gang.
De enige opmerking die ik heb is dat er niets wordt verteld over de achtergronden van de Krimoorlog. Misschien weet een Engelse lezer precies hoe het zit, misschien vond de schrijver dat niet zo belangrijk, al zou dat me verbazen, want de achtergrond van het verhaal blijkt gedegen onderzocht te zijn, en de feiten kloppen. Een lezer die meer wil weten verwijs ik naar Wikipedia.
De schrijver laat de lezer lang in het ongewisse: hij vertelt om en om over de perikelen op de Krim en in Manchester, waarbij ook de tijd steeds mee wisselt.
Langzaam komen we te weten wat er zich precies allemaal heeft afgespeeld bij Sebastopol, terwijl tegelijk de verwikkelingen rond de tentoonstelling aan bod komen. Kitson is na de oorlog aan het werk gegaan als straatfilosoof, een journalist die artikelen schrijft over de dagelijkse gebeurtenissen in de stad die de lezer interesseren. Een roddeljournalist avant la garde, maar niet van harte. Zowel in het deel over de oorlog als in het Manchesterdeel speelt de liefde een grote rol.
Een prachtige historische roman, niet een waarbij je op het puntje van je stoel zit, maar Plampin weet zijn verhaal boeiend te vertellen manier. Hij treft de juiste toon en de juiste sfeer, dus ook al kan je het boek even
wegleggen, je pakt het snel weer op. Want je wil weten hoe het zit, weten hoe het afloopt!
ISBN 978 90 261 2674 1 Hardcover 480 pagina's | Uitgeverij De Fontein | september 2009
Vertaald door Kees van Weelde
© Marjo, oktober 2009
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Pagina 200 van 217